Interview Tijs Mauroo: VRT-journalist in actie

Caroline Du Four
Published on Friday 120427
Tijs Mauroo werkt bij de VRT-Nieuwsdienst als journalist. Hij specialiseerde zich in lucht- en ruimtevaart en doet soms de eindredactie van het journaal.

Waar en wat heeft u gestudeerd?

Aan de KU Leuven heb ik taal- en letterkunde Germaanse Talen gestudeerd, en daarbinnen Engels-Nederlands. Daarna heb ik een postgraduaat in de journalistiek gevolgd aan het Vlekho in Brussel.

Was u een goede student?

Na een zware tweede zit in de eerste kandidatuur liep het een pak vlotter, maar ik moest wel hard werken, het ging niet vanzelf.

Wou u altijd journalist worden?

Nee, ik wou eerst dierenarts worden, maar dat was meer een naïeve droom dan een realistische optie. Tijdens mijn opleiding Germaanse Talen besefte ik dat ik echt met taal wou werken, en de nieuwswereld heb ik in die tijd altijd wel gevolgd als gebruiker.  Het leek me in elk geval leuker het in de journalistiek te proberen dan in het onderwijs.

Waarom heeft u voor de VRT gekozen?

Dat heeft te maken met toevalligheden.  Ik had wel al een voorkeur om daar te gaan werken, als ‘huis van vertrouwen’ sprak de VRT me aan.  En als openbare zender ben je minder onderhevig aan de grillen van de commerciële bedrijven.  Dat geeft een stevige basis om op te bouwen. Hoe ik er dan echt binnengeraakt ben, is via stage.  In het Vlekho deden we een mediastage en dat was in mijn geval toevallig bij Radio 1.  De stage liep uit, ik mocht nog eens stage gaan doen, en uiteindelijk is mij op de radio als programmamedewerker een contract aangeboden.  Daarna heb ik meegedaan aan het journalistenexamen om op de nieuwsdienst aan de slag te kunnen Ik slaagde na 2 pogingen.

U woont ver van de VRT. Nooit aan gedacht om in een ander mediabedrijf te werken?

Eigenlijk niet.  Tot een jaar of vijf geleden woonde ik in de buurt van de VRT, maar daarna ben ik verhuisd naar Ieper. Als ik elke dag op de VRT in Brussel zou moeten komen, zou dat wellicht niet lang houdbaar zijn.  Maar aangezien het nieuws zich niet in de VRT-gebouwen afspeelt, en we tal van technische middelen hebben om onze berichten door te sturen, werk ik veel in West- en Oost-Vlaanderen.  Ik ben daar dan de hele dag, zonder naar Brussel te hoeven komen.  De keuze voor een ander mediabedrijf is voorlopig dus niet aan de orde.

U bent geboren in West-Vlaanderen. Had u dan geen last van het bekende Westvlaamse accent en hoe bent u geslaagd voor de stemtest van de VRT?

Uiteraard heeft dat accent me parten gespeeld.  Maar tijdens mijn periode bij Radio 1 kon ik logopedie volgen, en ik heb dat ook intensief gedaan.  Maandenlang heb ik geschaafd en geoefend, en de jury vond het goed.

Hoe verloopt voor u een normale werkdag op de VRT?

De dag begint met de redactievergadering om 9.30 uur De eindredacteur, die al van 7.30 uur aan de slag is, overlegt met de journalisten welk nieuws we gaan brengen, hoe we dat gaan doen en wie welk verslag maakt.  Dan beginnen we snel te bellen om afspraken te maken.  Daarna vertrekken we met de cameraploeg om beelden te maken en interviews te doen.  Ergens tussen 10 en 11 is dat.  De meeste wagens van de cameraploegen hebben een eigen straalsysteem en een montagetafel aan boord, we kunnen ons nieuwsitem dus in de auto afwerken en doorsturen naar Brussel.  Die montage gebeurt normaal gezien tussen 12 en 13 uur, soms is het van 12.30 tot 13 uur, wat de stress natuurlijk verhoogt. Na de middagpauze krijgen we de opdracht om ons nieuwsbericht aan te passen voor de latere journaals (extra interviews of extra beeld), of we krijgen een nieuwe opdracht over een totaal ander onderwerp.  In de vooravond monteren we alles en om 19 uur is alles in principe klaar.

Wat doet u het liefst, eindredactie of reporter? Waarom geen nieuwsanker?

Reporter ben ik het liefst.  De reden is simpel: het is buiten, tussen de mensen, op het veld, waar nieuws zich afspeelt.  De eindredacteur en de anker blijven de hele dag binnen, en dat is echt niet mijn ding op dit moment.  Geef mij maar het veldwerk.

Wanneer is uw interesse voor de luchtvaart ontstaan en verder gegroeid?

Toen ik begon op de nieuwsdienst in 2001, ging na enkele maanden Sabena failliet.  De impact was groot, maar ik kon die verslaggeving nog niet op mij nemen, wegens nog te weinig ingewerkt.  Even later gebeurde hetzelfde met Sobelair, en toen stond ik wel op de eerste rij. Je praat met allerlei mensen en al snel groeit de interesse.  Later is daar ook ruimtevaart bijgekomen met als hoogtepunt de lancering van Frank De Winne in 2009.

Is het niet moeilijk om uw gezinsleven met uw werk te combineren?

Absoluut, ik werk weliswaar in een vierdagenweek, maar dat zijn dan wel lange dagen.  Als ik die vier dagen naar Brussel moet, ben ik ’s morgens vroeg weg, en ’s avonds laat thuis.  Gelukkig krijgen mijn partner en ik de puzzelstukken tot nu toe wel gelegd.  Tijd voor sociaal leven is er wel nauwelijks, tenzij in het weekend, als we niet moeten werken.

Heeft de komst van nieuwe sociale media invloed op uw manier van werken?

Voor mij persoonlijk weinig.  Bij de research wordt wel eens getwitterd of via Facebook gezocht naar iemand die ons op weg kan helpen, maar voor mij is dat zeker nog geen dagelijkse praktijk.

Hoe gaat u om met de constante tijdsdruk? Heeft u bepaalde rituelen voor u op reportage gaat?

De druk is er, maar is gelukkig niet constant.  Tussen 9.30 uur en 13.00 uur bouwt die wel kalmpjes aan op, en hij is hevigst tijdens het laatste uur.  Daarna valt de druk wel even weg om dan richting avondjournaals weer toe te nemen.  Ermee omgaan heeft vooral te maken met kunnen inschatten wat je als team kunt in een korte tijdsperiode.  En als je je collega’s een beetje kent, leer je dat wel inschatten. Rituelen heb ik niet, maar de telefoonnummers die echt cruciaal zijn, schrijf ik altijd op in mijn boekje.  We hebben computers met internet in de reportagewagens, maar ik wil niet in de problemen komen als het net zou wegvallen.

Robin Ramaekers heeft geknoeid met een reportage over Haïti. Waarom heeft hij dit volgens u gedaan? Is de interne concurrentie te groot? Kunt u hem begrijpen?

Waarom hij het gedaan heeft, zou je aan Robin zelf moeten vragen, maar wellicht wou hij de dramatiek van zijn verslag ter plaatse vergroten. Of dat onder druk van interne concurrentie is, weet ik niet.  De drang om een goed stuk televisie te maken, is wel groot, natuurlijk, maar of dat meteen betekent dat je een ander het licht in de ogen niet gunt, denk ik niet. Ik heb wel moeite met wat Robin gedaan heeft, het is denk ik terecht dat dit niet zomaar passeert, het is per slot van rekening onze opdracht om neutraal verslag te leveren, en daar hoort zijn daad niet echt in thuis.

Wat was het hoogtepunt/dieptepunt van uw carrière?

Het hoogtepunt was ongetwijfeld het live verslag van de lancering van Frank De Winne in Kazachstan.  Wat een ongelofelijke ervaring en eer om daar te mogen bij zijn. Dieptepunt: de eerste keer (van gelukkig erg weinige keren) dat mijn bijdrage het journaal niet haalde omdat ik ze niet op tijd af kreeg. Pijnlijk moment, dat ik enige tijd heb meegesleept.  Maar zoals de televisiewetten zeggen: ‘Je bent maar zo goed als je laatste bijdrage’, hebben we geen tijd om er te lang bij stil te staan.

Wat zou u nog graag willen bereiken?

Dat ik me professioneel blijf amuseren zoals nu. De variatie is de grote plus aan deze job, met het verslag in Brussel en in West- en Oost-Vlaanderen, een streepje eindredactie, projecten zoals de Olympische Spelen in Londen waar ik als verslaggever heen ga en in 2014 de start van de grote herdenkingen rond 100 jaar Eerste Wereldoorlog.  Werk genoeg, dus.

Wat zou u mij als toekomstige journaliste meegeven?

Blijf onafhankelijk. Als je op een onderwerp werkt, moet je je zo breed mogelijk informeren bij allerlei betrokkenen, maar uiteindelijk ben jij het die het verslag maakt.  Blijf baas over je eigen stuk.