Een doordeweekse dag in Aberdeen

Steven Grumiau
Published on Thursday 181220
Warme mensen in een koude straat. Een industrieel stadje met een alcoholprobleem, omringd door rauwe natuur en de barre Noordzee. Aberdeen.

Ik leef in een studentenflat met vier jongemannen. Een Schot uit het plattenland, een conservatieve christelijke Ier die elke zondag de mis bijwoont, en een – naar eigen zeggen – depressieve Griek die ooit deel uitmaakte van de Griekse Special Forces. Deze unieke mix levert buitengewoon interessante gesprekken op en is een feest voor de cultuuruitwisseling. Zo is de Ier pro-Trump en heeft de Schot nog nooit gehoord van Brexit. Ik vergeet de vierde jongeman die met ons leeft. Een Chinees die slechts één plank van de diepvriezer in beslag neemt en die we nooit zien. Hem noemen we TCG – The Chinese Guy – en groeten we vriendelijk wanneer we hem tegenkomen op de trappen.

Wanneer de avond valt koken alle studenten samen in the common room, waar we naar de gebruikelijke old-school rap luisteren, of op mindere dagen Drake.

Ik sta op om zeven uur en neem de bus van het centrum naar de universiteit die op twintig minuten rijden ligt, aan de oevers van de river Dee. Zelden zag ik een universiteit gelegen op zo een mooie plaats. Op twee minuten stappen van de universiteit ben je moederziel alleen, omringd door natuur. Overweldigend. Na mijn lessen, die mij overigens zeer goed liggen, ga ik baantjes trekken in het zwembad dat deel uitmaakt van de universiteit. Voor twintig pond per maand kun je zoveel zwemmen en fitnessen als je wil. Als ik de bus terug neem, stap ik uit aan Union Street. Deze straat is eigenlijk waar het stadje echt tot leven komt. Een lange winkelstraat waar auto’s rijden, met in de zijstraten barretjes en clubs. Wat mij hier het meeste opvalt, is hoe geschminkt de vrouwen hier rondlopen. Een dikke laag verf op het gezicht met mascara, de vrouwelijke acrobaten van Cirque du Soleil zijn er niets bij. Op een avond lieten we een Schots meisje op onze bank slapen, dat was een slecht idee. Er zitten nog steeds schminkvlekken op.

Ik lunch thuis. Wat later jog ik naar de zee om wat uit te waaien. Hier is altijd veel wind en de vuurtoren straalt rust, balans en een soort van weltschmerz uit. Een bizarre combinatie die mij goed ligt.

Wanneer de avond valt koken alle studenten samen in the common room, waar we naar de gebruikelijke old-school rap luisteren, of op mindere dagen naar Drake. Later wassen we samen af terwijl we verhalen uitwisselen over de voorbije nachten. Het is een echt Erasmussfeertje, in de puurste zin van het woord. Na het diner trommelen we iedereen van ons gebouw op en maken we cocktails met het gerief van mijn Schotse flatgenoot, die zijn eigen cocktailbedrijf heeft. 

Lichtjes aangeschoten verlaten we de studentenflats en begeven we ons naar een van de vele clubs in de studentenstad Aberdeen en dansen we de avond weg op mainstream muziek.